Een squat met twee benen is een prima oefening. Maar als test zegt hij weinig. Heeft u een zwakkere linkerknie, dan neemt uw rechterbeen ongemerkt het werk over. U tilt hetzelfde gewicht, maar de verdeling klopt niet.
Verschillen worden zichtbaar op één been
Daarom testen en trainen wij vaak eerst op één been. Denk aan een eenbenige squat, een step-down van een kastje, eenbenige sprongen of een eenbenige brug voor de hamstrings. Zo zien we direct of beide kanten hetzelfde kunnen, en of de knie netjes boven de voet blijft.
Waarom dat ertoe doet
Na een blessure of operatie blijft er vaak een verschil tussen links en rechts bestaan, ook als de pijn allang weg is. Zo’n verschil vergroot de kans op een nieuwe blessure. Bij hardlopers, voetballers en wielrenners zien we het regelmatig terug: de klacht verhuist naar de andere kant of naar een andere plek.
Zo meten we het
We vergelijken het geblesseerde been met het gezonde been, bijvoorbeeld in aantal herhalingen, spronghoogte of afstand. Hoe kleiner het verschil, hoe beter u voorbereid bent op de belasting van uw sport. Die meting herhalen we regelmatig, zodat u zelf ziet dat het verschil kleiner wordt.
Ook zonder blessure nuttig
Eenbenige oefeningen trainen ook balans en stabiliteit rond heup, knie en enkel. Daarom zitten ze standaard in onze personal training en small group training.